Onderzoeksprogramma’s zijn meerjarige programma’s waarin meerdere deelprojecten door verschillende onderzoeks- en maatschappelijke partners in samenhang worden uitgevoerd rondom een centraal vraagstuk. De vraagstukken die centraal staan in de onderzoeksprogramma’s worden door het Kenniscentrum Ongelijkheid geagendeerd, waarna consortia van onderzoekers en maatschappelijke partners worden gevormd die de vraagstukken nader uitwerken en onderzoeken. Deze vraagstukken hebben altijd betrekking op de cumulatie van ongelijkheid over verschillende levensdomeinen en/of levensfasen heen. Voor de samenstelling van de consortia wordt een getrapte wervingsprocedure gehanteerd. Programmaleiders worden uitgenodigd, waarna er een open wervingsprocedure wordt opgezet ten behoeve van de samenstelling van de consortia.

Thema’s onderzoeksprogramma’s

It takes the city to raise the child

Een (on)zeker bestaan in de stad

De stad voor iedereen

Wie woont en werkt nog in de stad?

Naar de letter van de stad

Amsterdam all-inclusive

Programmaleiders In samenspraak met de programmaraad nodigt het Kenniscentrum Ongelijkheid voor elk onderzoeksprogramma twee programmaleiders uit. Programmaleiders zijn afkomstig van twee verschillende kennisinstellingen en expertisegebieden en hebben aantoonbare expertise op het betreffende thema en ervaring met onderzoekssamenwerking in de Amsterdamse context. Daarnaast wordt bij de samenstelling van de programmaleiding gelet op diversiteit.

Samenstelling consortia Programmaleiders stellen in samenspraak met het Kenniscentrum Ongelijkheid een programmaschets op, waarin de centrale vragen en beoogde expertise voor het onderzoeksprogramma worden beschreven. Deze schets wordt tezamen met een oproep voor consortiumpartners gepubliceerd. Geïnteresseerde onderzoeks- en maatschappelijke partners kunnen hun interesse kenbaar maken middels een aanmeldformulier, waarop zij hun motivatie, beoogde bijdrage en expertise kort beschrijven. Het Kenniscentrum Ongelijkheid matcht de aanmeldingen bij de programmaschets en doet vervolgens een consortiumvoorstel aan de programmaleiders. Programmaleiders kunnen hiermee instemmen of verzoeken tot wijzigingen wanneer zij bepaalde expertise onder- of oververtegenwoordigd achten. Indien noodzakelijk kan gericht aanvullende expertise worden aangezocht.

Onderzoeksplan De consortia stellen onder leiding van de programmaleiders het onderzoeksplan op. Dit gaat om een plan van 1000-1500 woorden waarin de vraagstelling, aanpak, beoogde opbrengsten, begroting en planning staan beschreven. Voor de onderzoeksprogramma’s stelt het Kenniscentrum Ongelijkheid € 200.000,- beschikbaar. Deze bijdrage wordt bij een goedgekeurd onderzoeksplan uitgekeerd: er vindt geen competitie plaats. Consortia worden aangemoedigd om deze financiering aan te vullen vanuit de 1e, 2e of 3e geldstroom.

Planning De consortia van de eerste drie onderzoeksprogramma’s zijn inmiddels gevormd. Deze onderzoeksprogramma’s gaan 1 januari 2022 van start. De tweede reeks van drie onderzoeksprogramma’s is momenteel in voorbereiding. De oproep voor consortiumpartners wordt naar verwachting in februari 2022 gepubliceerd, waarna de programma’s na de zomer van 2022 van start gaan.